jurk.gemma0576

Gemma’s sportieve jurk

Ze draagt elke dag een jurkje. Mijn collega Gemma is een schoolvoorbeeld van het sportieve type. Ze komt regelmatig op de fiets naar het werk. Dat is niet zo bijzonder, behalve als de afstand 90 kilometer is. Om een uur of 5 ’s middags pakt ze weer de fiets en zegt ze ‘ik ga maar weer eens’ . Mijn collega’s en ik drinken net onze zoveelste zwarte koffie uit terwijl Gemma haar Koga optuigt. 90 kilometer zal ze door smalle weggetjes tussen de akkers moeten ploegen, gebukt over het stuur terwijl de wind haar om de oren loeit. Het deert haar niet. De volgende dag is ze weer fris en fruitig als eerste op het werk, zeggend ‘ik heb nu toch maar de trein gepakt.’

Groot is het contrast tussen collega Gemma en mij. Ik doe namelijk geen bal aan sport, vind het een van de meest stupide uitwassen van de geciviliseerde samenleving. Met z’n allen op een lopende band naar een blinde muur rennen, die je nooit zult bereiken. Kafka! Ik ben een keer in een sportschool geweest op proef. Dat was geen succes. Zo zag ik in de sportschool skippyballen liggen. Skippyballen. Daar ben ik toch geen 42 voor geworden!? Die tijd hebben we toch gehad, van de lolobal en het springtouw? We zitten toch niet in een regressie? Al die vrouwen en mannen die hun vege lijf proberen te redden in de sportschool. En meestal zijn ze óf zo strak dat je denkt, dames, ga eens genieten van dat prachtige lijf en laat een ander ervan meegenieten, in plaats van hier je tijd te verdoen in deze zweetschool. Of ze zijn zo vadsig dat je vermoedt dat die hele sportschool een heilloze missie is. Trek in beide gevallen een jurk aan en ga, is mijn advies.

Ook bij mannen is het een misverstand dat een vrouw louter op strakke afgetrainde glimmende lijven valt. Nee dus. Een beetje vrouw met brains prikt daar direct doorheen. Al die tijd dat hij zijn best gedaan heeft voor dat lijf, stond hij dus in die treurige sportschool met een flesje spa. In een korte broek met zijn knokige knieën op een skippybal. Ik vind dat geen aantrekkelijk beeld. Doe mij maar een lief wijnbuikje.

Maar fietsen is anders. Dat heeft iets heroïsch. Die eenzame fietser door de velden, de elementen trotserend, striemende regen zweept de fietser in het gelaat. Tegenover de frisse Gemma voel ik me soms zoals ik me op gezette tijden in mijn studententijd voelde. Schuldig. Je had tot na zonsopgang de stad afgeschuimd en was tenslotte uitgeput je studentenhuis in gestrompeld met als hoofddoel je bed – stond daar in de keuken je huisgenoot alweer fluitend koffie te zetten omdat ze moest werken of studeren in de UB. Door en door slecht en verdorven voelde je je met je lijf dat zompig was van de alcohol en met je verbierde jurk. Dat gevoel in lichtere mate, heb ik als Gemma weer op haar fiets stapt om 90 kilometer naar huis te fietsen. In de trein kijk ik door het raam of ik haar spot. En jawel, ter hoogte Oisterwijk fietst ze daar, dapper en alleen. Het is nog maar 80 kilometer naar Utrecht. Wat een heldin. Ja, dan steek ik behoorlijk af tegen mijn collega.

 

info: Rok, Vanilia, shirt, Inchi, sandalen, Zign, Fiets Koga Miyata

 

fotografie: Marieke van Willigen

fotografie: Marieke van Willigen




There are no comments

Add yours