in memoriam rabbijn Navah Tehila

door | 25 augustus 2025 | achtergronden, Artikelen, beschouwend, Columns, journalistiek | 0 Reacties

Een eerbetoon aan mijn leermeesteres

“Het verhaal van Jozef gaat over worden wie je bent,” vertelt de rabbijn. We zitten in haar kleine huisje in Lombok. Er is nog net ruimte voor een stoel, verder is er geen plek aan de muur of op de grond onbedekt. Muziek, schilderijen, beeldwerken, gedichten. Haar huis is een chaotisch museum van spiritualiteit en kunst. Achter haar voordeur in deze smalle éénrichtingsverkeerstraat tussen kerk en moskee, bevindt zich een authentieke parel van schoonheid en schepping. Ik zit hier omdat ik het magazine langsbreng waar het stuk instaat. Ondanks haar ziekte Parkinson (“Het is een rotziekte”) die zichtbaar begint te vorderen, bruist Navah’s scheppingsenergie. Muziek, kunst, alles moet eruit. Er is een innerlijke drive die haar voortstuwt: haar kunst moet verbinden.

Geef antwoord op de vragen van je ziel

Voor mij was en is Navah Tehila altijd ‘de rabbijn’. Ik ken verder geen rabbijnen, behalve de oude rabbijn Vorst, die ik ooit had geïnterviewd voor Trouw. Een paar weken eerder zat ik ook al op dit stoeltje om op te tekenen wat ze me leerde. Ik zit er voor een interview, dat ik houd voor het magazine PUP en de Nieuwe Utrechtse Krant. “Ik heb me afgevraagd waarom ik hier in het leven ben, en waarom in Nederland. Pas de laatste jaren besef ik dat dat is om te helen.” zegt ze. “Ik moet een rol spelen om mensen dichter bij elkaar te doen komen. (…) Een mens moet het zich eigen maken om moreel en ethisch te leven. Dat leer je uiteindelijk door naar je ziel te luisteren, naar je innerlijke stem. Je ziel stelt je vragen, en die moet je antwoorden geven. Het probleem met religie is dat het op je gelegd wordt, dat kan de stem van je ziel in de weg staan. Alles is één en alles is verbonden. Diversiteit mag er zijn, maar uiteindelijk is alles één. God is ook één. God is in ons en buiten ons. We hebben allemaal een goddelijke vonk, in de Torah staat geschreven dat God zijn eigen adem blies in de neusgaten van de mens. Ik geloof dat alles uiteindelijk samen komt, dat alles weer één wordt en met elkaar verbonden, zoals het bedoeld is.” Aldus Navah.

Het is één van de bijzonderste interviews die ik ooit heb gedaan. Er gebeurde iets, tijdens dat gesprek. In plaats van de verhouding interviewer-geïnterviewde, lijkt het meer een setting van liefdevolle lerares met gretige leerling. De rabbijn geeft me inzichten, zet iets aan waarvan ik niet wist dat het er was. Ze geeft doorkijkjes naar een wereld die achter deze wereld zit. Een wereld waarin Gods adem voelbaar is. Er is heel even een dun vlies tussen de immanente en de transcedente wereld in deze rommelige kamer in Lombok.

Wie ben je echt?

Een paar maanden geleden. Ik krijg een mail van Navah. “Dear Anna Maria, Ik wou je nog het volgende zeggen: Ik had veel interviews in mijn leven, maar die van jou beschouw ik als het beste en mooiste. Ik zou het leuk vinden als je langs komt een keertje binnenkort.“ Ik ben aangenaam verrast. Ik vraag me af waarom ze dit mailt, het interview is een paar jaar geleden, maar ik vind het erg lief dat ze dit teruggeeft, en dat schrijf ik haar. Ik schrijf haar ook dat ik inmiddels onder haar invloed mijn naam weer terug heb gebracht naar mijn oorspronkelijke naam. Ze gaf ooit een lezing over namen ergens in Utrecht, zo was ik haar op het spoor gekomen, en ik had haar destijds verteld dat ‘Marieke”, de naam is die ik zelf had gewijzigd op mijn dertiende. ‘Marieke’ was een protestnaam tegen de plek in het leven die ik niet zelf gekozen had. “Is ‘Marieke’ wie je bent?” had ze gevraagd. Die vraag heeft een proces in gang gezet. We mailen wat heen-en-weer en ik doe een afspraakvoorstel. En dat is het laatste. Van een afspraak is het niet meer gekomen. Dit weekend hoorde ik dat ze een paar weken geleden is overleden.

Ik denk terug aan de lessen van de rabbijn. Aan wat ze zei over Jozef, mijn lievelingsverhaal, waarvan mijn broer ooit zei: ‘Jij bent de Jozef van de familie.’ Ik weet nog steeds niet of mijn broer bedoelde dat hij mij met mijn andere vier broers in de put wilde gooien of dat ik de familie zou ontstijgen (vermoedelijk het eerste). De rabbijn zegt dat Jozef werd wie hij was, toen hij zichzelf aan zijn familie liet zien: ‘Ik ben het, Jozef.’ Het is blijven hangen. Juist nu ik in een opleidingstraject van geestelijke zit. Dit weekend zei mijn moeder dat ze het daar niet mee eens was. Een vrouw die dominee wordt is volgens haar niet de bedoeling. “Maar ik moet, mam,” antwoordde ik. “In dat geval mag ik daar niet over oordelen,” had mijn moeder geantwoord. Van journalist naar geestelijke vind ik een rare en spannende weg, maar ook een weg die ik móet afleggen, dat voel ik bij elke stap meer en meer. Ik denk terug aan de rabbijn, die zei dat je moest luisteren naar je ziel. Heeft zij me hiertoe aangezet? Misschien wel.

Deze zondag preekte ik over de schouders waarop wij staan. En welke schouders wij zelf zouden kunnen zijn voor anderen. “Dat hoeven niet je ouders te zijn. Het kan ook een leraar zijn die je de weg heeft gewezen.” Het was in het kerkje van Muiden aan Zee. Als je vanaf de preekstoel door het raam keek, zag je door de bomen het water, maar ook nog net de grafstenen van mensen die om de kerk begraven zijn. Ik vond dat bijzonder, de zee, het groen van de bomen en de stenen van zielen die niet meer onder ons zijn. Alsof verschillende werelden samenkomen. Toen ik thuiskwam, las ik de mail waarin stond dat Navah Tehila gestorven was. Navah Tehila was ziek in dit ondermaanse en haar lichaam werd steeds zwakker. Maar haar spiritualiteit werd juist sterker. Ze had sterke schouders waar velen op staan. Ik ook.

In memoriam voor de rabbijn Navah Tehila Psalm 23, haar lievelingspsalm.Weliswaar is het muziek vanuit een andere cultuur, maar ik denk dat ze het mooi zou vinden. Ik voel de rabbijn weer een beetje als ik het hoor.

(beeld: Nel Star Busmann)

levensles

Alles stroomt.

 

Partners

Vinted

Instagram