paarsejurk3_o

Matthäus Passion – in paarse jurk

Help, hoe kom ik aan een paarse jurk? Ik ga zingen in de Matthäus Passion, en moet in zwart met paars. Anna heeft dit event geregeld. We zijn alt.

In de trein hebben Anna en ik al aan elkaar opgebiecht dat we “niet zo heel goed hebben geoefend”. Dat betekent: niet. We bedenken een damagecontrolplan, terwijl we met een merkstift op het laatste moment onze altpartij geel maken. Als we midden in het koor tussen de andere zangers gaan staan, is ons plan, kunnen we ‘meehangen met de alten’.

We schieten nog even een café in om koffie te drinken en appeltaart te testen. Aan de late kant rennen we de kerk in, het koor zit er al bijna voltallig. We vinden toch nog een plekje, naast een lege stoel met een Bachpartituur, met post-its in verschillende kleuren, netjes geordend uit de bladmuziek stekend als een waaier. “Die lijkt me goed voorbereid,” fluistert Anna. We stellen ons op naast de lege stoel van de goed voorbereide alt. De alten naast ons hebben de dresscode heel serieus genomen, ze hebben pimpelpaarse panty’s aan bij een zwart jurkje. “Hoe vaak hebben jullie de Mattheus gezongen?” vraagt de ene paarse panty. Ik geef een globaal antwoord. “Want wij kennen hem niet zo goed. Dus we dachten: kunnen we een beetje op jullie leunen,” zegt de andere paarse panty. Hebben wij weer. Staan we naast sisters-in-crime.

De goed voorbereide alt (stemmig paarse jurk)  ergert zich aan Anna. “Zing toch niet zo laag.” fluistert ze vinnig tussen twee recitatieven door “Ga dan ergens anders staan” fluistert Anna nog vinniger terug. Zo raken we onze enige steunpilaar kwijt en staan we daar met twee andere schorre keeltjes de Mattheus te zingen. U zult het niet geloven: Het ging hartstikke goed. En de Matthäus Passion is prachtig.

Maar wie zie ik daar, bij de bassen?! “Anna, volgens mij staat daar een leraar van vroeger!” fluister ik. In de pauze ga ik naar hem toe. Ja hoor, geen twijfel mogelijk. Ik hoor weer zijn joviale stem door de gangen schallen. “Hallo meneer,” zeg ik. Een beetje  bedremmeld schuifel ik heen en weer, voel me gek genoeg toch weer tiener.  Hij weet mijn naam nog. We voeren een soort oriënterend gesprekje. Dan vraagt hij, ineens, “Hoe is het met J? Is dat nog wat geworden?” ‘Wat geworden?’ Dat kun je wel stellen, ja. J was in die tijd verliefd. Het duurde zo’n twee jaar voor we iets kregen, want J is een volhouder, net als mijn zoon. We waren gelukkig, gingen trouwen en kregen kinderen. Twaalf jaar later gingen we scheiden. Beetje confronterende vraag, dit. “En nu ben je alleen?” gaat hij genadeloos verder. Vroeger was hij ook al zo direct. Ik vertel hem dat ik daarna weduwe ben geworden, van een andere liefde, die overleden is. “Had je niet gedacht, toen je zo oud was,” constateert hij. Dat klopt. Ik zie mezelf nog staan, sigaretje draaiend van Samsonshag, veel te kort jurkje, staand tegen de muur. Rebels en overal een mening over hebbend. Nee, deze levensloop was destijds inderdaad niet in me opgekomen.

Na de pauze zingen we hoe Jezus gejend en gemarteld wordt, lichamelijk en geestelijk, over zijn diepe wanhoop en pijn, zijn intense eenzaamheid en lijden. Tenslotte bezwijkt hij, een verschrikkelijke dood, waar ze zelfs bij Amnesty van op zouden kijken. Een paar dagen later staat Jezus op uit het graf. Ik zie parallellen met feniks, de vuurvogel, die ook herrijst uit de as. Pasen gaat over het onmogelijke dat toch mogelijk is, onbetwiste grenzen (de dood begrenst het leven) die toch geen grenzen zijn. Het einde is niet het einde maar het is het begin van iets nieuws. “Ruhe sanfte,” zingen de stoute alten naast ons en wij, samen met het hele koor van zo’n 300 man. “Rust zacht.” En ik denk aan Jezus, aan Conny, aan het leven. Het leven dat anders uitpakte, waar je soms dood moet gaan om weer te kunnen leven. Het leven met zoveel lagen en diepgang. Dat tegelijkertijd zo relatief is, omdat we “uit stof zijn en tot stof zullen wederkeren.” Mijn vroegere leraar zingt luidkeels de baspartij. Alles valt samen. Het leven is mooi.

 

p.s: like ons op facebook! 

 

 




There are 7 comments

Add yours
  1. Harry

    Fijn geschreven artikel met een mooie link naar de diepere lagen in de oude bijbelverhalen.
    Ben nu op een retraite en daar werd de link gelegd naar het lijden dat de mens voor zichzelf creeert. In dit geval het 3x ontkennen dat hij Jezus goed kent door Petrus, het verdriet dat hij daarover heeft en, weer terug naar Bach, het wondermooie Erbarme Dich dat daarop volgt.


Post a new comment