foto pensioen

Hoezo met pensioen? Ik begin net.

Ik kreeg een mail binnen van het pensioenfonds. Het type mailtje dat je meteen weggooit. Een pensioenuitkering, dat krijg je als je hoogbejaard bent en niet meer kunt werken vanwege jicht, spit en uitvallende tanden. Over honderd jaar dus of langer, want ik heb het eeuwige leven. Zo stond ik er tot voor kort in. Voor het eerst heb ik dit mailtje uitgelezen.  

Het eeuwige leven, ja dat zou best kunnen, maar hier in dit ondermaanse houdt het toch een keer op. Ik begin steeds meer in te zien dat ik eindig ben. Overigens een geliefd thema op deze blog, dat zal het oplettende lezertje niet zijn ontgaan. (lees ook: ‘ te oud voor bikini?’) Het pensioen anticipeert op de levensavond. Ik zit qua leeftijd nu ongeveer in de levensmiddag, een uur of drie. 

Ik ben over een paar jaar vijftig – hoop ik. Dat vond ik als twintiger stokoud. Je stond dan al met één been in het graf. Ik merk aan mijn kinderen en mijn studenten dat ze dat ook vinden. “Ik zie op tegen mijn verjaardag, ik word al 25,” hoorde ik een student pas zeggen. 25, wat een giller! Ergens in je leven is dat punt dat de tijd in een stroomversnelling komt. Voor je er erg in hebt is het stand-in-de-mand in de avond een ommetje geworden voor het slapen gaan. Heb je zelf kinderen, pardon pubers, pardon studenten en niet veel later ben je oma.  Dat lijkt me overigens een leuke fase. Als ik dat tegen mijn studerende kinderen zeg, beginnen ze te gillen, voor hen zijn ‘ouders’ een klasse waar ze nog láng niet bijhoren. Nog lang niet, nou, let maar op… 

Ik had mijn haar opgestoken en Anna zei: “Precies je moeder.”  Ik wist niet of dat een compliment was of juist niet dus ik vroeg: “Maar vind je het mooi?” “Dat zeg ik,” zei Anna, “precies je moeder.”  Ik keek in de spiegel. Inderdaad. Ik ben mijn moeder geworden. Mijn moeder van toen, dat ben ik nu. O, help, help, waar is het meisje in me? Ik zag ineens hoe anderen me zagen, als een vrouw van tegen de vijftig.    

Er staan rare dingen in die pensioenbrief. Hoeveel geld ik krijg als ik doorwerk tot mijn zeven en zestigste en hoeveel ik krijg als ik eerder stop. Best veel, trouwens, en dat terwijl je niet eens meer werkt  Eigenlijk is dan elk tientje mooi meegenomen, want volgens mij krijg je ook nog je AOW.  Laat Mark dit maar niet lezen, straks schaft hij het nog af (maar Mark hoort niet bij de doelgroep van deze blog, dus dat zal loslopen).

Zeg, moet ik er nu over na gaan denken hoe lang ik door blijf werken? Hoe weet ik dat nou?! Ik vind mijn baan leuk, maar het idee dat ik daar nog negentien jaar werk, dat kan ik me niet voorstellen! Pensioen, amehoela! Ik wil nog zoveel dingen doen in mijn leven.  Het leven is te kort.  Ik wil niet plannen. Niemand weet hoe lang hij heeft in dit ondermaanse. Je kunt maar beter doen wat nu goed is. Gister is geweest, nu is nu, en morgen weten we niet wat komen gaat.  

En nu eerst een grijze haar uittrekken. 

lees ook: hoe je de tijd kunt vasthouden

foto: Bart Leenders

p.s.: like ons op facebook! 




There are no comments

Add yours